interview

Sjors van der Panne

Sjors van der Panne: “Nadat ik Jacques Brel heb gespeeld durf ik alles”

Vanaf september staat de zanger weer op de planken in zijn voorstelling Van Boeijen tot Brel

Leestijd: 9 min

“Ik wilde Frank Boeijen worden en heb Jacques Brel gespeeld”, zegt Sjors van der Panne over zijn nieuwe voorstelling Van Boeijen tot Brel, waarmee hij vanaf september langs 45 theaters door heel Nederland trekt. Aan Winq vertelt hij over de muzikale reis die hij heeft afgelegd. “Nu voel ik me vrijer dan ooit en durf ik helemaal mezelf te zijn.”

Van Boeijen tot Brel belooft de meest persoonlijke voorstelling tot nu toe te worden in de ruim twintigjarige carrière van Sjors van der Panne. De 47-jarige zanger neemt zijn publiek mee langs de muziek en verhalen die hem persoonlijk hebben gevormd. Naast chansons en het werk van Frank Boeijen laat hij ook een heel andere muzikale kant van zichzelf horen. Zo is er ruimte voor wereldmuziek, waaronder een lied van Mercedes Sosa, maar ook voor muziek uit zijn jeugd die hij nooit eerder durfde te zingen. Een countrysong van John Denver bijvoorbeeld: Rhymes & Reasons.

Na zijn indrukwekkende vertolking van Jacques Brel in de musical over het leven van de legendarische chansonnier voelt Sjors zich artistiek vrijer dan ooit.

de carrière van sjors in vogelvlucht

Maar eerst even de carrière van Sjors in vogelvlucht. In 1979 werd hij geboren in Voorschoten, in een onderwijzersgezin. Op zijn twintigste verhuisde hij naar Amsterdam, om zanger te worden. Zijn muziekstijl is een mengeling van chansons en pop en in 2008 won hij de publieksprijs van het Concours de la Chanson Française.

Sjors van der Panne

Zijn debuutalbum Een nacht verscheen in 2011, en in 2014 werd hij tweede tijdens de vijfde editie van The Voice of Holland. Ter ere van de 75ste verjaardag van Liesbeth List nam Sjors van der Panne met Monique Klemann van Lois Lane het nummer ‘Pastorale’ op. Het lied staat ook op zijn album Met elkaar, dat in 2017 verscheen. In dat jaar reikte hij ook de NPO5 Oeuvre Award uit aan Frank Boeijen, een van zijn muzikale helden. In de twaalf jaar sinds zijn deelname aan The Voice in 2014,  heeft hij steeds grotere concertzalen en theaters uitverkocht, zo stond hij maar liefst zeventien keer in het Concertgebouw Amsterdam. In het najaar van 2025 maakte Sjors zijn musicaldebuut in de voorstelling BREL - de musical, waarin hij acht maanden lang de titelrol vervulde. Een klein jaar later staat hij weer als zichzelf op de planken, met de voorstelling Van Boeijen tot Brel.

Je zegt dat je na het spelen van Jacques Brel artistiek vrijer bent dan ooit. Waar heb je je vóór Brel nog door laten tegenhouden?

“Van mezelf uit ben ik altijd voorzichtig geweest, ik ben niet echt een waaghals. Voor BREL ben ik uit mijn comfortzone gegaan, iets wat ik nooit eerder had gedaan. Op het podium staan wilde ik wel, maar naast concerten interesseerde de rest me nooit zo. Ik heb ook nooit geambieerd om in een musical te spelen. Wat ik wel altijd dacht: toen Liesbeth List de musical over Edith Piaf in de schoot geworpen kreeg, nam ik me voor dat Jacques Brel dat voor mij moest zijn. Ik zou er echt moeite mee hebben gehad als iemand anders die rol had gekregen.

Het was het meest intense wat ik ooit heb gedaan. Ik ben heel sfeergevoelig en een musical is een totaal andere manier van werken. Je werkt met een grote groep en ik heb acht maanden lang alleen maar teksten geleerd. Mijn grootste nachtmerrie was dat ik er niet op tijd klaar voor zou zijn, maar het is gelukt. Vanaf het begin was het een enorm avontuur. Tegelijkertijd voelde ik me heel kwetsbaar en vond ik het allemaal best eng. Uiteindelijk ben ik zo in mijn rol gegroeid dat het een geoliede machine werd.

Toen het was afgelopen, was ik trots, maar ook opgelucht. Ik had het nooit willen missen, maar vond het ook loodzwaar. Ik ben geen acteur en vond het best lastig om te spelen. Ik kreeg te horen dat ik heel geloofwaardig overkwam, en dat was fijn om te horen.

Nu voel ik me heel anders. Ik zit veel lekkerder in mijn vel als Sjors. De musical heeft al mijn angsten doen smelten. Ik durf nu ook nerveus te zijn en toe te geven aan mijn gevoelens. Ik voel me veel gelukkiger nu ik Brel heb gedaan; het leven is veel leuker geworden. Dat ik dit al twintig jaar mag doen, daar moet ik gewoon van glunderen. Ik heb op deze manier mijn plek verworven. Ik voel me nu meer compleet, met al mijn makken én mijn sterke punten.”

De titel Van Boeijen tot Brel verwijst naar twee belangrijke artiesten in je carrière. Wat hebben Frank Boeijen en Jacques Brel je ieder afzonderlijk geleerd over het vak?

“Van huis uit ben ik grootgebracht met Ramses Shaffy, Liesbeth List, maar ook Demis Roussos, Simon & Garfunkel en ABBA. Het was een brede muzikale opvoeding, maar Frank Boeijen kende ik nog niet. Tot een vriend me rond 2004 via MSN een paar liedjes stuurde: ‘Als schelpen in het zand’ en ‘Vaderland’. Die liedjes waren zo eenvoudig en prachtig, ze wierpen me terug naar mijn jeugd.

Als zesjarig jochie speelde ik al dat ik zanger was. Na de scheiding van mijn ouders liet ik mezelf verdrinken in muziek. Op mijn kamertje draaide ik platen met mijn koptelefoon op. Dat gevoel kwam helemaal terug toen ik Frank Boeijen voor het eerst hoorde. Ik woonde toen op kamers in Amsterdam en had allerlei baantjes in de horeca. Toen hoorde ik ‘Als schelpen in het zand’. Frank zong het samen met zijn negen broers en zussen in het achtergrondkoor en dat raakte me in mijn hart.

Sjors van der Panne concertposter

Zo is bij mij het muzikale vuur ontstoken en ben ik zelf teksten gaan schrijven en zingen. Ik ging naar het open podium in de Engelenbak en zo is het allemaal begonnen. Ik noem mezelf weleens het muzikale neefje van Frank Boeijen, al is hij een genie met wie ik me helemaal niet wil vergelijken.

In 2017 heb ik hem de Radio 5 Oeuvre Award mogen uitreiken. Ik zong daar ook  ‘Als schelpen in het zand’, samen met zijn broers en zussen. En zo kwam alles bij elkaar.

Dan Jacques Brel. Hem heb ik gespeeld, de chansonnier die bijna heilig is. Dat ik dat heb gedaan, iemand die zó groot is… Daardoor durf ik nu alles. Overigens ben ik wel blij dat ik hem niet ben; Brel was geen lichtvoetige man. Ik ben blij dat ik nu weer Sjors mag zijn en mijn eigen verhalen mag vertellen.”

‘Als schelpen in het zand’ kreeg voor jou een veel persoonlijkere betekenis door de herinneringen aan je opa en diens leven in Indië. Hoe werkt zo’n familieherinnering door in de manier waarop je een lied zingt?

“Het lied gaat over Franks vader. Als ik het hoor, voel ik mijn Indische achtergrond weerspiegeld. Mijn opa komt daar vandaan, hem voel ik nog altijd heel dichtbij. Vijf jaar was ik toen hij overleed. Ik heb nog een foto waarop ik bij hem op schoot zit, met een bloempotkapsel.

Mijn opa heeft in een kamp gezeten, maar heeft het overleefd omdat de Japanners zagen hoe goed hij horloges en andere spullen kon repareren. Hij is getraumatiseerd naar Nederland gekomen en heeft er nooit meer over gesproken. Hij had nooit het gevoel dat hij welkom was in Nederland, net als vluchtelingen nu. Botte Nederlanders, de vraag: ‘Wat kom je hier doen?’ Het gevoel dat mijn opa toen had, raakt mij nu ook.

Het lied komt bij mij binnen alsof een complete cultuur verdwenen is. Ik voel mezelf ook weleens een schelp in het zand. Vaak voel ik een enorme vreugde in mezelf, maar af en toe ook een grote leegte. Daar wil ik iets goeds mee doen en mooie dingen maken.”

Je gaat in deze voorstelling ook muziek zingen die je vroeger niet durfde te zingen. Waarom durfde je die nummers toen niet aan, en wat is er veranderd?

“Soms ben ik een vervelende perfectionist voor mezelf. Ik kan mezelf zó bekritiseren dat het niet leuk meer is. Dan praat ik mezelf angsten aan: ik kan het niet, dus laat maar zitten. Zingen in het Engels bijvoorbeeld, omdat een vriend ooit zei: je hebt nog een accent.

Toch heb ik laatst meegedaan met Secret Duets en samen met Samantha Steenwijk ‘Islands in the Stream’ gezongen. Na Brel durf ik dat. Ik zing zelfs in het Spaans tijdens de nieuwe voorstelling: ‘Sólo le Pido a Dios’ van Mercedes Sosa.

Dit lied draag ik mijn hele leven al met me mee. Ze zingt: ‘Ik vraag het alleen aan God’, maar zelf ben ik niet religieus. Voor mij gaat het over de kracht waarmee we verbonden zijn. Met het lied vragen we het universum om ons niet onverschillig te laten worden. Laat me in het goede geloven, als een soort gebed. Het lied heeft me altijd al geraakt en in mijn nieuwe avontuur ga ik het nu zelf zingen.”

Je zegt dat je nu meer van jezelf durft te laten zien. Is dat alleen artistieke vrijheid, of heeft het ook te maken met het proces waarin je jezelf als gay man steeds meer hebt leren accepteren?

“Ik heb best lang in de kast gezeten. Het is knap dat jongens, meisjes en andere personen dat soms al heel vroeg durven, maar zelf was ik daar te kwetsbaar voor. Ik kon mezelf heel onzichtbaar maken, ook om te voorkomen dat ik gepest zou worden.

Sjors van der Panne

Op mijn negentiende zag ik Hamam, een film over een Italiaanse ontwerper die een Turkse stadsjongen ontmoet. Toen heb ik het aan mijn moeder verteld. Zij gaf me de verhalenbundel van Hans Warren, Herenliefde, de beste homo-erotische verhalen uit de Nederlandse literatuur. Ze had erbij geschreven: ‘Voor mijn lieve zoon Sjors, die ik veel geluk in zijn leven wens.’ Mijn vader maakte zich zorgen over hiv, maar dat was snel voorbij. En dat was mijn coming-out.

Ik heb het altijd heel gemakkelijk gehad, nooit was er strijd. Overigens heb ik nog nooit een relatie gehad, al ben ik heel vaak verliefd geweest. Ik heb lieve gay vrienden, ook seks gehad, maar die prins is nog niet gekomen. Het ligt aan mezelf, waarschijnlijk. Mijn coming-out was in die zin gemakkelijker dan het leven erna.

‘Misschien moet je ook wel eenzaam zijn’, zei mijn moeder ooit. ‘Daardoor maak je ook mooiere teksten.’ Over drie jaar ben ik vijftig, dus wie weet komt het nog. Wat misschien ook meespeelt, is dat ik een dochter heb. Dat vinden sommige gay mannen ook nog weleens vreemd.

Het lijkt me trouwens erg mooi om jongeren te helpen bij hun coming-out. Er zijn nog altijd ouders die hun kind niet accepteren. Daar zou ik nog weleens iets mee willen doen.”

Je noemt ‘Rhymes & Reasons’ van John Denver als een nummer dat perfect past bij de wereld van nu. Wat raakt je daar persoonlijk zo in?

“Het lied is zestig jaar oud, maar het lijkt alsof het over de laatste 25 jaar gaat. ‘Rhymes & Reasons’ gaat over een wereld die verandert en donker wordt. Ik heb het als kind leren kennen op mijn kamertje en bleef het maar draaien. Het lied wilde ik blijven luisteren, het raakte me in mijn hart. Puur kippenvel, dat is de kracht van muziek.

Sjors van der Panne

Het lied gaat ook over de kracht van de jeugd: kinderen zijn nog hoopvol en dromen over later. Wat wil ik later worden? Nu ik zelf 47 jaar ben, wil ik die jeugdige kracht gebruiken om elkaar door moeilijke tijden heen te helpen.

Als John Denver het live zong, was het alsof een vriend het voor je zong. Zo’n vriend wil ik ook zijn voor mijn publiek.”

Je belooft een veel persoonlijkere voorstelling dan we tot nu toe van je gewend zijn. Is er iets dat je op het podium gaat vertellen of zingen waarvan je denkt: dit had ik vijf of tien jaar geleden nooit met het publiek gedeeld?

“Voor de voorstelling heb ik een nieuw lied geschreven dat we nog gaan opnemen: ‘Voor twee’. Het gaat erover dat ik op straat loop en een kind zie, en dan schrik. Want dat kind ben ik zelf.

De rode draad in het verhaal van de voorstelling is dat we weer moeten spelen met de tijd. Dat je een soort speelsheid behoudt, waar je ook bent, en waarmee je mensen kunt verwarmen. Het leven kan ook in deze tijd mooi zijn, vol zelfspot en humor. Niet alles hoeft altijd serieus te zijn. Dat je dit doorgeeft aan elkaar, naar andere mensen luistert met compassie en de liefde niet laat verdwijnen.”

Je hebt inmiddels meer dan twintig jaar carrière achter de rug. Als je terugkijkt: ben je met Van Boeijen tot Brel eindelijk de artiest geworden die je altijd al wilde zijn, of begint er nu juist een nieuwe zoektocht?

“Ik ben nu wel de artiest aan het worden die ik wil zijn. Ik sta dichter bij mezelf, ook vanwege de ervaring met BREL - de musical. Ik heb een talent, een warm hart, maar ook een bepaalde eenzaamheid. Daar kan ik nu op verder leven. En ik hoop nog veel meer mensen te bereiken met mijn muziek. Dat wil ik echt heel graag.”

meer informatie, speellijst en tickets

Sjors van der Panne is van september tot en met mei te zien met Van Boeijen tot Brel in theaters door heel Nederland. Kijk op zijn website voor de complete speellijst, meer informatie en tickets.

 Volg Sjors ook op Instagram, luister zijn muziek via Spotify en bekijk zijn video's op zijn eigen YouTube-kanaal.

Powered by Labrador CMS