long read

Verlicht Hongaars parlementsgebouw aan de Donau in Boedapest, met kleurrijke weerspiegelingen in het water.

Hongaarse queer koppels mogen binnenkort adopteren

Maar de regenboogvlag gaat nog niet uit

Het parlementsgebouw van Hongarije, aan de Donau in Boedapest.
Leestijd: 8 min

Zestien jaar lang maakte de Hongaarse premier Viktor Orbán van lhbtiqa+-personen een dankbaar doelwit. In april stemden de Hongaren hem weg. In Boedapest was de opluchting voelbaar, maar wie verwacht dat de regenboogvlag nu boven het parlement wappert, komt bedrogen uit. Hoewel de nieuwe premier Magyar nét heeft gezegd dat paren van gelijk geslacht binnenkort ook kinderen mogen adopteren. Een doorbraak?

Boedapest heeft iets verleidelijks. Zeker in augustus, wanneer de warmte in de straten blijft hangen en de terrassen tot laat gevuld zijn. Op sommige plekken zou je bijna kunnen denken dat je een stuk zuidelijker in Europa bent beland. De monumentale grandeur is Habsburgs, maar er zijn ook pleinen en straten die in het zomerlicht iets Spaans krijgen. Dan bestel je koffie en realiseer je weer waar je bent. De mensen zijn minder uitbundig, wat gereserveerder, soms bijna streng. Midden-Europa dus, met een vleugje zuiden in het decor.

Voor wie hier met een queer blik rondloopt, valt iets op. Het uitgaansleven concentreert zich vooral in Terézváros, de centraal gelegen wijk rond de opera, en in de Joodse wijk Erzsébetváros. Vaste waarde is Alterego, een club in een souterrain, alleen open op vrijdag en zaterdag, met vanaf middernacht een dragshow en daarna dj’s tot in de vroege uurtjes. Overdag oogt de wijk vooral toeristisch, met rondleidingen langs graffiti en synagogen. ’s Avonds verschuift dat beeld. Op straat is iedereen voorzichtig; aanraking tussen mensen van hetzelfde geslacht in het openbaar blijft iets waar ook queer Hongaren terughoudender mee omgaan. Binnen de eigen kring is er meer openheid dan daarbuiten, een patroon dat niet los te zien is van de zestien jaar overheidsretoriek die nog maar net achter de rug is.

orbán = out

In deze stad heeft zich dit voorjaar iets afgespeeld wat kort daarvoor nog bijna onmogelijk leek. Op 12 april kwam een einde aan het bewind van Viktor Orbán. Zijn Fidesz-partij werd overtuigend verslagen door Tisza, de partij van Péter Magyar, een 45-jarige voormalige Fidesz-insider die zich in nauwelijks twee jaar tijd ontwikkelde tot Orbáns belangrijkste tegenstander. Tisza kreeg zelfs een tweederdemeerderheid in het parlement. Dat is belangrijk, want juist dankzij een vergelijkbare meerderheid kon Orbán vanaf 2010 de Hongaarse staat steeds verder naar zijn hand zetten: van de grondwet en de rechterlijke macht tot universiteiten en media.

In Boedapest werd de verkiezingsavond tot laat in de avond gevierd. “De stad vierde feest, de hele nacht door”, vertelt burgemeester Gergely Karácsony wanneer ik hem spreek. “En zelfs nu proef je nog optimisme als je met mensen op straat praat.”

“de stad vierde feest, de hele nacht door”

Gergely Karácsony, burgemeester van Boedapest.

De overgrote meerderheid van zijn inwoners stemde volgens hem voor verandering. Dat Boedapest blij was, verbaast maar weinig mensen. De hoofdstad vormde jarenlang het liberale buitenbeentje in Orbáns Hongarije. Karácsony werd zelf een van de opvallendste tegenstanders van Fidesz – toen de regering in 2025 Budapest Pride probeerde te verbieden, besloot zijn stadsbestuur de mars als gemeentelijk evenement te organiseren. Honderdduizenden mensen kwamen opdagen. Volgens Háttér Society – zeg maar het COC van Hongarije – waren het er ongeveer 350.000, waarmee het de grootste Pride uit de Hongaarse geschiedenis werd. Het verbod dat bedoeld was om de lhbtiqa+-gemeenschap te vernederen, leverde Orbán uiteindelijk beelden op van een hoofdstad vol regenboogvlaggen. 

het pride-verbod leverde orbán uiteindelijk beelden op van een hoofdstad vol regenboogvlaggen.

Die zie je verder overigens nauwelijks terug in bijvoorbeeld het uitgaansleven. Klassieke homobars verdwijnen, net als in veel Europese hoofdsteden, langzaam. Daarvoor in de plaats komen steeds meer gemengde, gay-friendly plekken en periodieke themafeesten die zich niet aan één adres binden. Dat kun je optimistisch lezen, als teken dat de gemeenschap geen apart hokje meer nodig heeft. Maar het kan net zo goed betekenen dat de klassieke vrijplaatsen, juist onder een vijandige regering zo hard nodig, aan het verdwijnen zijn.

Pride in Boedapest, 2025, die door de regering werd verboden maar tóch doorging.

geregistreerd partnerschap

Wie wil begrijpen waarom lhbtiqa+-rechten zo’n belangrijke rol kregen in Orbáns politiek, moet een paar jaar terug in de tijd. Aanvankelijk was die vijandigheid namelijk helemaal niet zo dominant. Tamás Dombos, bestuurslid van Háttér Society, schetst een geschiedenis die gemakkelijk vergeten wordt. Zijn organisatie werd in 1995 opgericht als telefonische hulplijn en groeide uit tot de grootste lhbtiqa+-organisatie van Hongarije. Ze biedt inmiddels onder meer juridische hulp, soa- en hiv-testen en counseling, verzamelt de lhbtiqa+-geschiedenis van het land en traint politieagenten, artsen en psychologen. De jaren negentig waren voor Hongaarse lhbtiqa+-personen, volgens hem, helemaal niet uitzonderlijk repressief. In 1995 erkende het Constitutionele Hof samenwonende paren van gelijk geslacht. Later kwamen er antidiscriminatiewetten en geregistreerd partnerschap. Zelfs tijdens Orbáns eerste jaren na zijn terugkeer aan de macht in 2010 – zijn partij regeerde van 1998 tot 2002 ook al – stonden lhbtiqa+-personen nog niet voortdurend centraal in zijn politieke retoriek.

op zoek naar een vijand

Tomás Dombos, van Háttér Society.

Fidesz had jarenlang met succes campagne gevoerd tegen migranten. Toen dat onderwerp zijn politieke bruikbaarheid begon te verliezen, werden lhbtiqa+-personen, volgens Dombos, de nieuwe antagonisten. Proregeringsmedia verspreidden verhalen over regenbooggezinnen en dragqueens die kinderen zouden bedreigen. “Het patroon kwam deels uit conservatieve campagnes in de Verenigde Staten”, zegt hij. In 2020 maakte de regering juridische geslachtserkenning voor trans personen onmogelijk. Adoptie werd verder beperkt. In 2021 kwam de zogenoemde Kinderbeschermingswet, waarmee informatie over homoseksualiteit en genderdiversiteit voor minderjarigen uit onder meer onderwijs, media, reclame en boekwinkels werd geweerd. ‘Het gezin’ werd een bijna heilig begrip in Fidesz-propaganda. En juist daar begon het verhaal te ontsporen.

echte kinderbescherming

In 2024 kwam naar buiten dat president Katalin Novák, een vertrouweling van Orbán en uitgesproken pleitbezorger van traditionele gezinswaarden, gratie had verleend aan een man die was veroordeeld voor het helpen verdoezelen van seksueel misbruik in een kindertehuis in Bicske. Novák moest aftreden. En daar bleef het niet bij. In 2025 verschenen nieuwe berichten en videobeelden over mishandeling en misbruik in Hongaarse jeugdinrichtingen. Péter Magyar publiceerde een eerder onbekend regeringsrapport waarin meer dan drieduizend gevallen van kindermisbruik binnen de staatszorg werden beschreven. Tienduizenden mensen gingen woedend de straat op. De ironie: een regering die jarenlang beweerde kinderen tegen queer personen te moeten beschermen, bleek grote problemen binnen zijn eigen kinderbescherming niet te kunnen oplossen.

Viktor Orbán druipt af na zijn verlies.

Dombos ziet die affaires als een van de belangrijke oorzaken van de val van Fidesz. Daarnaast noemt hij de economie: jaren van stagnatie, grote voedselinflatie en miljarden aan Europese subsidies die vanwege problemen met de rechtsstaat waren bevroren. Corruptie speelde ook een rol. Onder Orbán werd een kleine kring rond Fidesz buitengewoon rijk, terwijl de relatie met Brussel steeds verder verslechterde. Tel daarbij op dat er nauwelijks nog een forint naar de gezondheidszorg ging. Ook Orbáns toenadering tot Vladimir Poetin en zijn dwarsliggen binnen de Europese Unie maakten Hongarije steeds geïsoleerder. Reuters noemde economische stagnatie, internationale isolatie en de enorme vermogensgroei van oligarchen expliciet als redenen waarom kiezers uiteindelijk op Orbán afknapten. Daarmee werd tijdens de verkiezingen iets duidelijk wat Fidesz kennelijk te laat doorhad. Hongaren waren niet eindeloos bang te maken met migranten, pride en genderkwesties. Toen Orbán het Pride-verbod en het vermeende ‘gendergevaar’ opnieuw probeerde in te zetten, bleken veel kiezers zich drukker te maken over de zorg, hun portemonnee en corruptie.

nieuwe aanvallen

Wie vervolgens verwachtte dat Magyar op zijn eerste werkdag alle anti-lhbtiqa+-wetten door de papierversnipperaar zou halen, had hem niet goed bestudeerd. Péter Magyar is geen progressieve messias. Hij komt zelf uit Fidesz, is centrumrechts en voerde een campagne waarin lhbtiqa+-rechten opvallend weinig aandacht kregen. Zijn grote beloften gingen over democratisch herstel, corruptiebestrijding en het repareren van de relatie met Europa. En dus is er na ongeveer honderd dagen nieuwe regering opvallend weinig veranderd. Tot een paar dagen geleden, toen Magyar ineens aankondigde dat queer personen en paren wél in aanmerking zullen komen om kinderen te adopteren.

Ádám Andrásis Kanicsár.

Journalist Ádám Andrásis Kanicsár merkt die trage vooruitgang iedere dag. Hij schrijft voor het Hongaarse lhbtiqa+-medium Humen Magazine en presenteert tijdens Sziget de talkshow Mirror Talks. Onder Fidesz, zegt hij, werd de gemeenschap voortdurend gedwongen te reageren op nieuwe aanvallen. [Winq sprak hem vlak vóór Magyar onlangs bekendmaakte dat adopteren voor queer stellen mogelijk zal worden] Daardoor bepaalde de regering zelfs binnen de queer beweging waarover gesproken werd. “Alle energie ging naar het weerleggen van aantijgingen”, vat hij die periode samen. “Pogingen om te praten over bijvoorbeeld huwelijksgelijkheid, kwamen daardoor nauwelijks aan bod.” Maar ook nu worstelen de queer organisaties in Hongarije. Ze weten soms niet eens bij wie ze binnen de nieuwe regering moeten aankloppen. De grootste organisaties hebben daarom een coalitie gevormd en benaderen voortaan parlementsleden gezamenlijk over onder meer trans rechten en de wet die lhbtiqa+-informatie beperkt.

magyar had allang meer kunnen doen

Het boek van Ádám Andrásis Kanicsár.

De Pride-wet – die het uitbeelden en promoten van homoseksualiteit en genderverandering aan minderjarigen aan banden legt en de deur op een kier zette voor het verbieden van Pride-evenementen – bestaat bijvoorbeeld nog steeds. Ook de beperkingen op boeken en andere lhbtiqa+-content zijn nog niet verdwenen. Kanicsárs eigen boek, met een regenboogvlag op het omslag, mag daardoor nog steeds niet gewoon zichtbaar worden verkocht. “Voor zulke maatregelen is geen maandenlange grondwetsherziening nodig”, vindt hij. “Er is bij wijze van spreken maar één laptop en misschien een paar dagen werk voor nodig. Het gaat om prioriteit.”

Dombos is iets geduldiger. Ook hij constateert dat Magyar veel warme woorden heeft gebruikt. Zo heeft hij bijvoorbeeld gezegd dat kinderen beter bij ouders van gelijk geslacht kunnen opgroeien dan in slechte staatszorg, zonder dat daar vooralsnog wetgeving tegenover staat. Maar die wetgeving komt er nu dus wel aan, beloofde Magyar. Maar hij ziet mogelijke verklaringen voor de vertraging – de regering moet in razend tempo de relatie met Brussel herstellen om miljarden aan Europese middelen veilig te stellen. Bovendien wil Magyar grote ideologische kwesties mogelijk meenemen in een bredere grondwetsherziening.

Burgemeester van Boedapest: Gergely Karácsony.

Burgemeester Karácsony vraagt om nog meer geduld: “Vier maanden is nog altijd heel kort, na zestien jaar Fidesz-regeringen”, zegt hij. “Ons hele grondwettelijke systeem heeft correctie nodig, om nog maar te zwijgen van de structuur van onze economie. We moeten vertrouwen en samenwerking herstellen, in elke hoek van ons publieke leven.” Maar hij weet ook wat er uiteindelijk moet gebeuren. De grondwettelijke bepalingen over identiteit, gezin en gender moeten worden veranderd en de Kinderbeschermingswet, waarin volgens hem “kinderrechten, lhbtiqa+-rechten en pedofilie door elkaar zijn gehaald”, moet verdwijnen.

hongarije loopt voor op zijn politici

Opvallend is misschien dat de Hongaarse bevolking helemaal niet zo conservatief blijkt als zestien jaar Orbán doet vermoeden. Onder Tisza-kiezers zegt 71% meer bescherming voor lhbtiqa+-personen te steunen. Dombos verwijst daarnaast naar recente Hongaarse peilingen waaruit volgens Háttér blijkt dat ongeveer twee derde huwelijksgelijkheid en adoptie door stellen van gelijk geslacht steunt, terwijl 57% de restrictieve wetgeving wil terugdraaien. En daar zit misschien wel de grootste erfenis van het afgelopen decennium. Fidesz probeerde lhbtiqa+-personen tot politiek probleem te maken, maar overschatte hoeveel behoefte Hongaren eigenlijk aan die vijand hadden.

Wie door Boedapest loopt, ziet overigens niet dat hier net een politiek tijdperk is afgesloten. Het parlement ligt nog altijd overdreven fotogeniek aan de Donau. De trams rammelen langs dezelfde gevels. In de Joodse wijk zitten toeristen aan cocktails en verderop verdwijnen mensen in de thermale baden alsof zestien jaar illiberale democratie vooral iets is waar je later nog maar een keer over nadenkt.

de ochtend erna

Wel voelbaar anders is de toon op straat. Regenboogstickers op cafédeuren die een paar jaar geleden nog werden afgeplakt, hangen weer gewoon zichtbaar, ook buiten Erzsébetváros. Háttér Society meldt dat er sinds de verkiezingen minder telefoontjes over intimidatie binnenkomen op de hulplijn. Dombos relativeert dat zelf meteen: het kan net zo goed betekenen dat mensen zich simpelweg minder snel melden, nu de dreiging niet meer dagelijks vanuit de politiek komt.

Voor het dagelijks queer leven, in de kroeg, op straat, in de beroemde badhuizen van de stad, betekent minder vijandigheid van bovenaf niet automatisch meer vrijheid van onderop. Politiek verandert een land zelden met het spektakel waarmee een verkiezingsavond eindigt. Burgemeester Karácsony noemt het herstel van een democratische cultuur daarom “een lang proces”. Hongarije moet volgens hem niet alleen veranderen wat Orbán heeft gedaan, maar ook begrijpen waarom hij er zestien jaar lang zo succesvol mee kon zijn. Dat geldt zeker ook voor de lhbtiqa+-Hongaren.

In Boedapest zijn 81 accommodaties die meedoen met het Travel Proud-programma van Booking.com. Hier zijn regenbogers welkom, dat stralen ze ook uit. Onder meer door het tonen van het Travel Proud-koffertje op hun Booking.com-profiel. Een van die accommodaties is het Gerlóczy Boutique Hotel – een boho-chic logement boven het gelijknamige restaurant waar de gegoede burgerij gezamenlijk een vorkje prikt. General Manager van het hotel is Georgia. Haar achternaam houdt ze liever privé – een stuiptrekking na zestien jaar onderdrukking. “Wij voeren sinds 2021 dit label. Met trots. Gasten uit de regenboogfamilie zijn hier meer dan welkom. Dat was ook al zo bij de vorige regering, die hebben ons nooit een strobreed in de weg gelegd. Mijn collega’s zijn erg betrokken bij de situatie in de wereld. Meer dan ik, als ik eerlijk ben. In Hongarije zijn het ouderen en vooral Gen Z die hier alles over willen weten. Neem onze receptioniste: die liet bij haar sollicitatiegesprek weten dat zij op 12 april niet kon werken, want dan moest zij stemmen. Dit zou zelfs een dealbreaker voor haar arbeidscontract opleveren. Natuurlijk mocht dat van mij. Alleen mij, als millennial, kon het allemaal niet zo veel schelen. Ik heb ook niet gestemd.” Klik hier voor het Gerlóczy Boutique Hotel.

Toch is er genoeg reden voor optimisme. Dat een regering hen niet dagelijks als maatschappelijk gevaar opvoert, is bepaald geen detail. En de stad Boedapest hoeft niet langer voortdurend recht tegenover haar eigen nationale regering te staan. Maar afwezigheid van vijandigheid is nog geen gelijkwaardigheid. Voor trans personen die hun geslacht juridisch nog steeds niet kunnen laten erkennen, voor regenbooggezinnen die geen gelijke rechten hebben en voor jongeren die op school nauwelijks betrouwbare informatie over seksualiteit en gender krijgen, is de belangrijkste vraag daarom niet of Hongarije anders aanvoelt, maar wanneer die verandering eindelijk echt in de wet komt te staan.

Dit is de echte test voor Péter Magyar. Orbán verslaan bleek mogelijk. Nu moet Hongarije nog afrekenen met het land dat hij achterliet.

Powered by Labrador CMS