interview

Jurre Geluk over triomfen en tegenslagen van het reizen

De wereld rond met Jurre Geluk

Leestijd: 12 min

Reizen als queer persoon kent unieke uitdagingen, weet 3 Op Reis-presentator Jurre Geluk. Maar ver van huis ontdekt hij ook nieuwe kanten van zichzelf. “In Brazilië merkte ik hoe klein ik me in Nederland soms maak.”

Jurre Geluk is de laatste tijd moeilijk te missen. Hij maakte zijn opwachting in een jubileumseizoen van Wie is de Mol?, volgde kinderen met een levensbedreigende ziekte in Niet Klein Te Krijgen, en voor een nieuw seizoen van 3 op Reis bracht hij een maand door in Brazilië. Voor de reisspecial van Winq stuurden we Jurre met behulp van AI de hele wereld over, terwijl we hem alles vroegen over de triomfen en tegenslagen van zijn reisavonturen en de kwetsbaarheid die de rode draad vormt in zijn presentatiewerk.

Hoe is het met je? 

“Het gaat goed. De laatste tijd merk ik dat ik energie kan krijgen van werk, in plaats van dat het me energie kost. Dat is iets nieuws. Ik heb zin om te vlammen.”

Tot nu toe was je liever lui dan moe?

“Begrijp me niet verkeerd, ik heb keihard geknokt om de allerleukste baan ter wereld te bemachtigen en geef altijd 150 procent, maar in mijn achterhoofd dacht ik toch: ik werk om te leven, hoe ambitieloos dat ook klinkt.”

Daardoor gaat het misschien juist zo goed met je? 

“Een burn-out zal ik nooit krijgen. Als ik vrienden zie stressen, ben ik de eerste die zegt: jongens, we staan hier niet op de eerste hulp, hè?” 

Het afgelopen jaar heb je duidelijk niet stilgezeten. Je kunt de laatste tijd niet om jou heen op tv. 

“Dat ik opnieuw mee mocht doen aan Wie is de Mol? – een van de grootste cadeaus in mijn carrière – was echt bizar. Niet Klein Te Krijgen vond ik een geweldige nieuwe uitdaging en ik begin na een aantal seizoenen ook eindelijk te snappen waarom ik 3 op Reis mag presenteren.”

Dat was eerder niet zo? 

“Toen ze me ervoor vroegen, waarschuwde ik direct dat ik topografisch gestoord ben. Ik heb ooit een halfjaar lang geroepen dat ik met mijn vriend naar Colombia ging, tot hij me dat hoorde zeggen op een feestje, me bij m’n schouders greep en zei: ‘Wat zeg jij nou, gek? We gaan naar Cambodja!’”

Die topografische handicap vond BNNVARA blijkbaar geen probleem.

“Ze wilden van het gelikte imago van het programma af, zeiden ze. Daarom was ik blijkbaar perfect, haha. Ik geef er mijn eigen draai aan. Dat moet ook wel. Chris [Zegers – red.] rent in zijn afleveringen tegen een berg op om vervolgens smachtend naar een meer te staren terwijl hij verklaart wat die plas geografisch gezien zo speciaal maakt. Daar zul je mij niet op betrappen.”

Hoe ziet een typische Jurre Geluk-aflevering eruit? 

“Ik vind het leuk om de crew onderdeel te maken van het verhaal, om voor de kijker het gevoel te creëren dat je hebt wanneer je met vrienden reist. Ik breng ook eerlijk de tegenslagen in beeld die bij het reizen horen. In Sri Lanka beklommen we met het team drie uur lang een megasteile berg met een bolderkar vol zware apparatuur. Eenmaal aan de top was het zo bewolkt dat we geen hand voor ogen zagen. We hebben een uur staan wachten in de hoop dat het beter werd, tevergeefs. Helemaal klote, maar ook fucking grappig. Het oude 3 op Reis had die beelden geschrapt, wij hebben er een grappig item van gemaakt.”

Voor deze reisspecial van Winq transporteren we je met behulp van AI-tools onder andere naar de woestijn en de jungle. Wat voor reiziger ben jij zelf? 

“Een milieubewuste citytripper, vooral omdat ik meestal reis met vrienden die graag naar steden gaan. In de toekomst wil ik vaker alleen op reis, om meer rust te zoeken en andere kanten van mezelf te ontdekken.”

Vind je dat spannend? 

“Ik ben één keer in mijn eentje vijf dagen naar Lissabon geweest en dat was zo’n kutervaring. Ik kan heel moeilijk alleen zijn, maar vond dat ik het een keer moest proberen. Ik heb me nog nooit zo eenzaam gevoeld. Ik zat continu op Instagram om maar in verbinding te blijven met anderen. Achteraf gezien had ik beter ergens heen kunnen gaan waar ik als soloreiziger niet zo uit de toon viel. Nu zat ik keer op keer in mijn eentje in restaurants ongemakkelijk om me heen te staren.”

Heb je door reizen veel over jezelf geleerd? 

“Het doet wonderen voor mijn zelfvertrouwen wanneer ik mijn weg leer te vinden op een plek die ik nog niet ken. Ook ontdekte ik meer verankerd te zijn in Nederland dan ik dacht. Voor 3 op Reis was ik een maand naar Brazilië en in de laatste week had ik enorme heimwee, maar dat vond ik ergens ook fijn. De grootste rijkdom vind ik het leren kennen van andere mensen en culturen, daar leer ik ontzettend veel van.”

Noem eens zo’n les? 

“Ik zie in andere landen hoe betrokken queer en trans mensen soms zijn bij bepaalde geloofsrituelen. Zoals Candomblé, een Zuid-Amerikaanse religieuze beweging, ontstaan in de tijd van de slavernij. Ik ben opgevoed in Veenendaal, in de Bijbelbelt, met een afkeer van het geloof. Ergens ben ik daar blij mee, want als gay man had dat voor mij mogelijk heel lastig uit kunnen pakken, maar het lijkt me ook fijn om zoiets groters te hebben wat je verbindt.”

Gaat de presentator in jou ook aan wanneer je reist in je eigen tijd? 

“Mijn eigen vakanties staan haaks op mijn werkreizen. Ik vind 3 op Reis best een zwaar programma om te presenteren. Dat is heel dubbel, want het is een droombaan, maar we gaan ook naar vier plekken per dag, alles is nieuw, en je hebt overal net te weinig tijd om te landen en voelen waar je bent. Ik kom altijd terug vol prachtige ervaringen en beelden, maar ook compleet gebroken. Wanneer ik privé op vakantie ga, zet ik mijn sociale batterij dus uit en focus ik me vooral op chillen en de mensen met wie ik ben.”

“in rio besefte ik hoe anders nederland zou aanvoelen als de gemiddelde nederlander wat trotser zou zijn op de queergemeenschap”

Heeft je homoseksualiteit veel invloed op je reisgedrag en bestemmingskeuze?

“Voor een gastrol in een jubileumseizoen van Wie is de Mol? werd ik gevraagd naar Oman af te reizen. Dat was een enorm ding in mijn hoofd. Ik dacht: wil ik wel naar een plek waar het voor mij wettelijk verboden is om mezelf te zijn? Maar zo zwart-wit is het natuurlijk niet. Ook in Oman zijn er best veel gay plekken. Het wordt niet geaccepteerd, maar ten dele wel getolereerd. Die realisatie trok me over de streep. Eerst wilde ik alleen in beeld komen als ik daarbij een regenboogpin mocht dragen, maar toen moest ik voor de opnames een motorpak aan omdat ik niet herkenbaar mocht zijn voor de andere kandidaten… Met 3 op Reis zouden we niet snel naar zo’n plek gaan, tenzij de focus van het verhaal wordt. Dat lijkt me een mooi verhaal om te maken: hoe beweeg je door een land waar je wettelijk niet mag bestaan?”

Queer personen zijn er overal, of we nu wettelijk geaccepteerd worden of niet. 

“Precies, en in Nederland mogen we er dan volgens de wet misschien zijn, maar voel ik me toch niet veilig op straat.”

Ben je op reis weleens op een vervelende manier geconfronteerd met je identiteit?

“Tijdens een leuk gesprek met iemand uit Oman was ik ineens bang dat hij zou vragen naar mijn partner. Ik dacht: wat als hij naar de politie stapt als hij hoort dat ik een vriend heb? Voor het eerst besloot ik: als de vraag komt, lieg ik dat ik geen partner heb. Dat vond ik een krankzinnig gevoel. Gelukkig heb ik verder weinig meegemaakt.”

Zoek jij voor een reis uit hoe het op de bestemming in kwestie zit met de rechten van de lhbtiqa+-gemeenschap?

“Vroeger nooit, maar inmiddels wel, ja. Hoe ouder ik word, hoe meer ik besef dat ik me soms een beetje zal moeten conformeren aan de gebruiken van de plekken die ik bezoek.”

Ben je ook weleens positief verrast geweest op dit vlak? 

“Absoluut. Een jaar of vijf geleden bezocht ik met mijn vriend Dirk een vriend die naar Rio de Janeiro was geëmigreerd. Het was voor het eerst dat ik op een plek kwam waar ik zoveel gay liefde zag in het openbaar.”

Wat deed dat met je? 

“Ik vond het zo bijzonder. Hier in Nederland vind ik het spannend om hand in hand te lopen, dus dat doe ik eigenlijk niet. Laatst liep ik met mijn vriend in Amsterdam-Noord. Ik voelde me superverliefd en pakte zijn hand vast, maar 30 seconden later kwam er iemand op een scooter voorbij die ‘kankerhomo’s’ riep. Ik liet meteen zijn hand los en dacht: kijk, daarom doe ik dat dus niet. In Rio zag ik aan de lopende band mannen hand in hand lopen en zoenen. Als ik een man net iets te lang aankeek, kwam hij nog net niet naar me toe om me te tongen. Dirk en ik werden er losser van, verliefder, durfden meer in ons gevoel te stappen. Ik durfde hem daar in het openbaar te zoenen, dat was thuis nog nooit in mijn hoofd opgekomen.”

Dat lijkt me een bitterzoete realisatie. 

“Ik merkte hoe klein ik me in Nederland blijkbaar maak. Ik dacht: wat leven we toch in een gaar, droog, narrow-minded schijtland als het aankomt op queer acceptatie. In Rio straalden gay en trans mensen echt, ze waren de parels van de stad. Ik besefte hoe anders Nederland zou aanvoelen als de gemiddelde Nederlander wat trotser zou zijn op de queergemeenschap. Wanneer ik aan mensen in Rio vroeg waarom queerness daar zo zichtbaar is in het straatbeeld, moesten ze lachen. ‘Wij maken ons boos om veel grotere dingen,’ zeiden ze dan, ‘veiligheid, de politiek. Maar liefde, dat is iets moois. Daar gaan we ons geen seconde druk over maken.’ Dat vond ik een enorme eyeopener.”

“ik wil me inzetten voor het klimaat, maar hou ook van reizen. in mijn optiek mogen die twee dingen naast elkaar bestaan”

In je verhalen voor 3 op Reis breng je veel underdogs in beeld. 

“Dat is mede te danken aan redacteur Chrisje, inmiddels een vriendin van me. Zij groeide op in de Bijlmer, waar veel vooroordelen over bestaan, en wij voelen allebei de drang om onbegrepen mensen aan het woord te laten. We maken er haast een sport van.”

Zes jaar terug spraken we je in Winq over Spuiten en Slikken. Toen waakte je ervoor dat jouw afleveringen te veel een roze theekransje zouden worden. Hoe is dat nu? 

“In mijn achterhoofd denk ik soms nog steeds: is het niet te veel? Ik weet hoe fijn het is om mensen te zien in wie je herkent, en omdat queer personen statistisch gezien in de minderheid zijn, vraag ik me soms af of de gemiddelde heteroseksuele Peter thuis op de bank alles kan volgen.”

Volgens mij is er geen gebrek aan programma’s waar Peter zich in kan herkennen. 

“Dat is waar. De hele wereld is heteronormatief, dus waarom ben ik hier überhaupt zo mee bezig? Tijdens de opnames in Brazilië voor het nieuwe seizoen van 3 op Reis twijfelde ik op een gegeven moment toen we voor de derde keer een trans persoon spraken. ‘Fuck it,’ zei Chrisje, ‘dat zijn juist de mensen met  nóg mooiere, nóg kleurrijkere verhalen.’ En ze heeft hartstikke gelijk. Ik krijg er steeds meer schijt aan.”

Onlangs werd bekend dat BNNVARA vanaf 2027 vanwege bezuinigingen stopt met een aantal programma’s, waaronder 3 op Reis. Hoe kwam dat nieuws bij je aan?

“Het sloeg in als een bom. 3 op Reis is een duur programma om te maken: we tonen een hoop en daar was ik heel trots op, maar dat kost ook een hoop. Voor mij persoonlijk zijn de gevolgen te overzien – veel van mijn andere programma’s blijven – maar het is een bittere pil.”

Welke gevolgen hebben deze bezuinigingen volgens jou voor het medialandschap? 

“Bij de publieke omroep gaat de inhoud boven de kijkcijfers en op inhoudelijk vlak gaat er nu veel verloren. Er verdwijnen veel langlopende programma’s, zoals Kassa, ontzettend belangrijk voor consumenten, maar ook Proefkonijnen, het infotainmentprogramma voor kinderen dat ik presenteer met Sahil Amar Aïssa. Daarin spreken we vaak met deskundige vrouwen en mensen van kleur uit vakgebieden waarin witte mannen de norm zijn. Ik heb heel veel kinderen gesproken die door dat programma geënthousiasmeerd zijn geraakt over de wetenschap. Het is zo zonde ook. De NPO kost per Nederlander een paar euro per maand, en is daarmee in vergelijking met andere landen heel goedkoop. ”

“voor niet klein te krijgen sprak ik met een psycholoog, die zei: waarschijnlijk moet je huilen op de momenten dat je het niet verwacht”

Dik een jaar geleden presenteerde je het programma Voorvechters, waarin je mensen volgde die strijden voor een betere wereld. Je liet je daarbij oppakken door de politie tijdens een klimaatdemonstratie. Wringt het weleens, het reizen en de impact ervan op de planeet? 

“Enorm, daarom vind ik de fotoserie bij dit interview zo tof: een reis waarvoor ik niet hoef te reizen. Mijn footprint is helemaal happy, want ik heb nogal wat te compenseren. Vanuit duurzaamheidsoogpunt is dit geweldig.”

Op de duurzaamheid van AI valt aardig wat aan te merken… 

“Daar zeg je wat. Ik las dat er liters water nodig zijn voor al die ChatGPT-prompts. Wat zou het milieu meer kosten, een vliegreis of de beelden voor deze fotoserie…?”

Het houdt je hoe dan ook bezig. 

“Ik weet nog dat ik tijdens de opnames in mijn oude rode cabrio een klimaatactivist ging oppikken bij het station – hij was uiteraard met de trein gekomen. Ik schaamde me kapot. Ik wil me inzetten voor het klimaat, maar hou ook van reizen. In mijn optiek mogen die twee dingen naast elkaar bestaan. Als je je wilt inzetten voor het klimaat is 3 op Reis de grootste grap op aarde, maar ik vind het ook een prachtig, inspirerend programma en ik heb duidelijke grenzen aangegeven toen ik gevraagd werd.”

Zoals? 

“Ik wil vliegen binnen Europa in 3 op Reis niet promoten. Die cityhoppers naar Duitsland of Italië zijn een heel slecht verhaal. Er zijn meer dingen aangepast in de formule. Zo maken we minder grote en verre reizen, en op die bestemmingen schieten we meer afleveringen dan voorheen. Aangezien heel veel mensen vooralsnog het vliegtuig pakken – vliegschaamte of niet – laten we ook zien hoe je als toerist bewuster kunt reizen. We brengen veel mensen en plekken in beeld die zich bezighouden met natuurbehoud. Volgens een van de activisten die ik sprak tijdens de opnames voor Voorvechters is het typisch Nederlands om elkaar superstreng de maat te nemen. Het is goed om je bewust te zijn van de impact van wat je eet en hoe je beweegt, maar je hoeft niet alles ineens perfect te doen. De verantwoordelijkheid voor systematische verandering ligt bij de grote bedrijven.”

Heeft het programma Voorvechters je veranderd? 

“Ik voelde me vooraf heel ongemakkelijk om me uit te spreken. Dat komt denk ik voort uit onzekerheid over mijn homoseksualiteit. Ik vond het eng om er zelf voor te kiezen me te voegen bij een club mensen die vaak wordt gezien als vervelend. Uiteindelijk kreeg ik er juist een trots gevoel van om ergens voor te gaan staan met – even gechargeerd – een groep mensen met paars haar en tien oorbellen. Ik ben gegroeid als mens, omdat het me hielp me minder aan te trekken van wat de buitenwereld van me vindt.”

Jurre heeft het duidelijk niet naar z'n zin op een kameel

Van een heel andere orde is Niet Klein Te Krijgen, waarin je vijf gezinnen volgt met een kind met een levensbedreigende ziekte. Vond je dat spannend? 

“Gigantisch. Ik heb jarenlang Je Zal Het Maar Hebben gepresenteerd, over jongeren die leven met ziektes en aandoeningen, maar daarin ging het vooral over de lust voor het leven. Overigens denk ik dat we daarin dingen hebben laten liggen. We hadden meer ruimte mogen maken voor de zware kanten, om een realistischer beeld te schetsen. Als je kampt met een zware ziekte of aandoening, kan je leven een groot deel van de tijd ook horror zijn, maar bij ons was de insteek 80 procent van de tijd: je mist dan misschien een been, maar kijk eens hoe goed je die trap op komt! Bij Niet Klein Te Krijgen is de dood een wezenlijker onderdeel van het programma.”

Hoe bereidde je je voor op de opnames?

“Ik sprak met een psycholoog die aan het programma verbonden is. Die zei: je kunt je hier niet echt op voorbereiden, waarschijnlijk hoef je niet te huilen op de momenten waar je dat zou willen, en wel op de momenten dat je het niet verwacht.”

Klopte dat? 

“Er waren momenten tijdens het draaien waar ik het als enige drooghield, maar in de auto naar huis kwamen de tranen dan alsnog.”

Wat ontroerde je bijvoorbeeld? 

“Ik vond het knap hoe licht de kinderen blijven terwijl er zulke zware dingen speelden, maar tegelijkertijd is het schrijnend om te zien dat ze constant bezig zijn zich groot te houden voor hun ouders – en voor zichzelf. Dat raakte me enorm. Het moeilijkste vond ik het om aan het eind van een draaidag weg te gaan, en mensen achter te laten in die nachtmerrie. Toch zorgen die kinderen ook voor een bepaalde luchtigheid. Gesprekken over de dood met volwassenen kunnen heel zwaar worden, maar kinderen zijn er op een gegeven moment ook wel weer klaar mee om over de dood te praten. Ik besef door dit programma wel meer dan ooit hoe grillig en oneerlijk het leven kan zijn.”

De rode lijn in de programma’s die je nu presenteert lijkt kwetsbaarheid. Ruimte om te erkennen dat het leven niet altijd op rolletjes loopt. 

“Dat heb ik nooit geschuwd. Aan het begin van mijn presentatieloopbaan bij Spuiten en Slikken plaatste ik mezelf al in situaties die heel gênant of kwetsbaar waren, en ik was altijd trots om die eerlijke kant van mezelf te tonen. Spannend vond ik het wel, om me als eerste gay presentator van dat programma letterlijk en figuurlijk bloot te geven, maar het heeft altijd positief uitgepakt. Ik ben blij dat die kwetsbaarheid ook in programma’s als 3 op Reis en Niet Klein Te Krijgen ruimte krijgt.”

Je hebt vaker uitgesproken zelf ook een kinderwens te hebben. Hoe is het daar nu mee?

“Voor mijn gevoel bevind ik me op een T-splitsing. Veel vrienden krijgen kinderen en het voelt alsof ik de boot mis als ik er nu geen werk van maak. Ik heb mezelf altijd gezien met kinderen, maar begin te beseffen dat dit waarschijnlijk deels zou zijn om te onderstrepen dat ik als gay man niet heel anders ben. Als ik luister naar mijn gevoel, en die bewijsdrang even laat varen, weet ik niet meer zo zeker of ik kinderen wil. Ik hoorde laatst een radiointerview met een vrouw die rond haar vijftigste nog twee kinderen adopteerde en slaakte een zucht van opluchting omdat ik dacht: dat kan ook nog. Ik week me steeds meer los van het perfecte plaatje en ga het leven vanaf nu leven zoals ik dat wil.”

Powered by Labrador CMS