Sanne en Ilse maakten een podcast over de onzichtbare wereld van mannelijke sekswerkers
Podcast: Voorbij het rode licht
Een afgesloten plein in Eindhoven, een gevoel van ongemak en een hardnekkige nieuwsgierigheid. Voor journalist Sanne Hoeks vormde het de start van Voorbij het rode licht, een podcast over een wereld die dichterbij is dan je denkt, maar zelden zichtbaar wordt.
Wat was de aanleiding voor het maken van deze podcast?
“Een paar keer per week kom ik langs het Baekelandplein in Eindhoven, dat bij mij om de hoek ligt. Het is de enige plek in Brabant waar raamprostitutie plaatsvindt. Die plek intrigeert me al jaren, maar iets hield me tegen om er te gaan kijken. Het voelt ongemakkelijk, omdat het een afgesloten plein is, niet zoals de Amsterdamse wallen waar je toevallig doorheen loopt. Ik ben geen klant, dus ik heb daar voor mijn gevoel niets te zoeken.
“het is heel verborgen, maar dat betekent niet dat het er niet is”
Mijn nieuwsgierigheid bleef wel trekken. Samen met mijn collega Ilse Schoenmakers ben ik daarom in de wereld van sekswerk gedoken. We vroegen ons af: waar zijn de mannelijke sekswerkers? Die zie je namelijk niet op het Baekelandplein. Al snel werd duidelijk dat zij nog meer verborgen zijn, zeker als het gaat om mannelijke sekswerkers met mannelijke klanten. Toen besloten we ons daarop te richten.”
Was het lastig om deelnemers te vinden die mee wilden werken?
“Toen we met dit onderwerp aan de slag gingen, merkten we meteen dat er een taboe rust op praten over sekswerk. Dat taboe is nog groter als het gaat om mannen die naar een mannelijke sekswerker gaan.
Uit onderzoek van welzijnsorganisatie Lumens blijkt dat er veel mannelijke sekswerkers zijn, maar toch horen we hun verhalen niet. We probeerden in contact te komen via hulpverleners en benaderden sekswerkers via contactgegevens op advertentieplatforms. Dat ging moeizaam. Uiteindelijk kwamen we in contact met Dennis, die je in de podcast hoort, en via hem spraken we ook een klant. Milas leerden we kennen via Lumens.”
Wat heeft je tijdens het maken van de podcast het meest verrast?
“De onderzoeken richten zich vooral op Eindhoven, maar het speelt eigenlijk overal. De gesprekken met hulpverleners en sekswerkers openden echt onze ogen. Het gebeurt niet alleen in grote steden, maar ook in kleine dorpen.
“de mensen die we spraken deelden verhalen die veel anderen liever privé houden”
Het zou zomaar kunnen dat iemand bij jou in de straat als sekswerker werkt. Het is heel verborgen, maar dat betekent niet dat het er niet is.”
Welke verantwoordelijkheid voel je tegenover de mensen die hun verhaal delen?
“Een grote verantwoordelijkheid. De mensen die we spraken waren heel open en deelden verhalen die veel anderen liever privé houden. De gesprekken waren persoonlijk en soms kwetsbaar.
Tijdens het maken van de podcast voelden we sterk dat we hun verhalen goed moesten overbrengen en hun wensen moesten respecteren in wat we wel en niet delen.”
En waar trek je de grens in wat je wel en niet publiceert?
“Tijdens de interviews probeerden we een open sfeer te creëren, waarin iedereen zich comfortabel voelde om alles te bespreken. Daarna moesten we uren aan materiaal terugbrengen tot een serie. We wilden vooral laten zien dat er niet één verhaal is over sekswerk. Dennis doet dit werk al ruim vijftien jaar met plezier, maar er is ook een keerzijde. Het was belangrijk om beide kanten te laten zien zonder dat één de overhand kreeg.
“hoe goed je het ook bedoelt, onbewust kun je toch stigmatiserend zijn”
De grens ligt uiteindelijk bij de sprekers zelf. Als iemand zich ergens niet goed bij voelde, gebruikten we het niet. We keken ook naar wat relevant is voor de luisteraar. Details over privésituaties lieten we weg en we werkten met gefingeerde namen.”
Waren er momenten waarop jullie je eigen aannames moesten bijstellen?
“Uit gesprekken met experts en hulpverleners wisten we dat er veel stigma is rond dit onderwerp. We wilden voorkomen dat we zelf stigmatiserend zouden zijn. Toch gebeurde dat tijdens een interview met Dennis. Voor hem voelde het alsof ik hem stigmatiseerde. Hij liet me dat achteraf weten en dat raakte me. Ik wilde het goed doen, maar gaf hem toch een vervelend gevoel.
We hebben daar uitgebreid over gesproken en het ook meegenomen in de verhaallijn van de podcast. Hoe goed je het ook bedoelt als journalist, onbewust kun je toch stigmatiserend zijn. Dat was een belangrijk leermoment. Het maakte ons zelfkritisch en leidde tot gesprekken op de redactie over de rol van media in het versterken van stigma. Dat was confronterend, maar ook heel leerzaam.”