recensie
Nu te zien: Cabaret in DeLaMar
Fascisme komt via de achterdeur binnen
Festive in Black was de dresscode voor de première van de nieuwe musical Cabaret. De gasten volgden het verzoek massaal op waardoor deze feestelijke aftrap eerder een begrafenis leek. Ontzettend treffend, want wie is er overleden? De vrijheid, gewoon om te zijn wie je bent. Cabaret is een even schitterende als verontrustende voorstelling. En misschien wel actueler dan ons lief is.
Wij zijn in Berlijn, in de laatste dagen van 1929. In de vrijgevochten Kit Kat Club wordt gedronken en geneukt alsof er geen morgen bestaat. En de komst van die nieuwe, zorgeloze dag is ook uiterst onzeker. Want waar seksuele vrijheid hoogtij viert en conventies vrolijk aan de laars worden gelapt, groeit buiten het nationaalsocialisme, ver uit het zicht van de doldwaas feestende menigte.
In de nieuwste versie van Cabaret, die zaterdag 17 oktober in première ging in het Amsterdamse DeLaMar, maakt regisseur Daria Bukvić van die sluipende dreiging het kloppende hart van de voorstelling. De orkestmuziek, het sobere decor dat hoerig rood begint maar eindigt in dystopisch pikzwart (scenografie: Dennis Vanderbroeck) maar toch vooral het voortreffelijke ensemble onder de choreografische leiding van Daan Wijnands trekken deze voorstelling naar een hoog niveau. Dance captain Cody Lauren Schuitemaker verdient een shout out: onvermoeibaar vult zij haar danscomposities tot op de millimeter in – gedisciplineerd en met maximale strekkung.
Chantal en Freek
In een verhaal dat steeds grimmiger wordt, speelt Chantal Janzen Sally Bowles, de vrijgevochten nachtclubzangeres die verliefd wordt op de Amerikaanse schrijver Clifford Bradshaw (Freek Bartels). Janzen overtuigt als een vrouw die zich met drank, seks en optimisme staande probeert te houden in een wereld die langzaam ontspoort. Maar de meest ontroerende verhaallijn speelt zich elders af.
Teloorgang van een fruithandelaar
Sylvia Poorta is ronduit fenomenaal als de oudere pensionhoudster Fräulein Schneider. Haar voorzichtige romance met de Joodse fruitverkoper Herr Schultz (Hajo Bruins) behoort tot de mooiste onderdelen van de voorstelling. Poorta speelt met een ontroerende kwetsbaarheid, maar geeft Schneider tegelijkertijd een pijnlijke nuchterheid mee. Ze heeft eindelijk de liefde gevonden, maar beseft dat die haar veiligheid kan kosten. Haar dilemma maakt pijnlijk duidelijk hoe fascisme werkt: het dwingt gewone mensen tot onmenselijke keuzes.
En waar het kijken naar Fräulein Schneider steeds meer pijn doet, zorgen de stukken met Milan Sekeris, als Emcee: de heerlijk schmierende ceremoniemeester van de Kit Kat Club, voor een schijnbare verlichting. Hij is verleidelijk, beangstigend en onweerstaanbaar tegelijk. Het blijkt een dodelijke cocktail. Zijn optreden laat je voortdurend twijfelen of je wordt uitgenodigd voor een feestje of naar je eigen ondergang wordt gelokt.
De geschiedenis herhaalt zich niet, maar rijmt akelig goed
De parallellen met vandaag zijn moeilijk te negeren. In de Verenigde Staten heeft de regering-Trump de rechten van trans personen fors ingeperkt. Genderbevestigende zorg, bescherming op scholen en de mogelijkheid om openlijk jezelf te zijn, staan onder druk. En elders ter wereld worden lhbtiqa+ personen steeds nadrukkelijker als zondebok aangewezen. Ook in Nederland! Dat kan zich evenmin op de borst kloppen. Uit het in september gepubliceerde onderzoek van het Trimbos-instituut en de Universiteit Utrecht blijkt dat de acceptatie van homoseksualiteit onder scholieren dramatisch is gedaald. In 2021 stond nog 40 procent van de jongens op de middelbare school positief tegenover homoseksualiteit. In 2025 was dat nog maar 22 procent. Onder meisjes daalde dat percentage van 78 naar 51 procent.
Gaan we d'r aan?
Dat betekent nog niet meteen dat Nederland aan de vooravond staat van een nieuwe jaren dertig zoals die zich in Duitsland aftekende. Wel laat het zien hoe kwetsbaar verworven vrijheden zijn. De kracht van Cabaret schuilt juist in het tonen van de tussenfase: het moment waarop discriminatie normaliseert, mensen hun mond houden om problemen te vermijden en de meerderheid denkt dat het allemaal zo'n vaart niet zal lopen. Herr Schultz zegt zelf treffend in Cabaret: “Ik beloof u, het komt allemaal goed. Ik ben een Jood maar ik ben ook een Duitser.” Maar het kwam niet goed.
Precies daarom komt deze productie zo hard binnen. Cabaret laat zien dat vrijheid zelden in één klap verdwijnt. Vaak gebeurt het terwijl de muziek nog speelt. Na afloop klinkt het applaus. Maar wanneer stopt de muziek voor ons?
Klik hier voor de laatste tickets